44. Wo sind die Mauern?

Berlijn

De Val van de Berlijnse Muur. Voor kinderen van de jaren ’80, zoals ik, was het een verbijsterend gegeven. Tot op dat moment was ‘oorlog’ voor mij iets wat heel ver weg gebeurde: ver weg in de tijd, zoals ‘toen mijn grootouders nog jong waren’, of ver weg op de kaart van de wereld. Met oude mensen, in zwart-wit beelden. Of met zwarte mensen, In Zaïre. En plots was er die muur, die stukje bij beetje werd afgebroken. En daarmee kwam het besef: oorlog is meer dan schieten en doden. Oorlog is mensen scheiden van elkaar, van wat ze liefhebben. Oorlog is grenzen maken waar er eigenlijk geen grenzen zijn: tussen rassen, talen, arm en rijk, links en rechts, groot en klein, blond en bruin. Een muur in het midden van een stad.

De Berlijnse Muur is nadien voor mij altijd het symbool gebleven voor de absurditeit van maatschappelijke conflicten. Natuurlijk formuleerde mijn negenjarige brein dat anders. Dat vroeg zich af: Waarom wandelen die mensen niet gewoon een beetje verder, en gaan rond die muur heen? Waarom breken ze die muur niet gewoon af? Er wonen daar toch meer mensen dan er soldaten zijn om die muur te beschermen? Maar ergens begreep ik ook toen al dat de Muur daar stond niet omdat het een Muur was, een onbeweeglijk bouwsel, maar omdat de Muur alleen een symbool was van een veel moeilijker af te breken muur in de hoofden van de mensen: de Oost-Duitsers beschouwden zich écht als Oost-Duitsers, en de West-Duitsers beschouwden zich écht als West-Duitsers. Dat er voor de Muur in Berlijn geen muur in hun hoofd was, waren ze vergeten. Wij vieren de Val van de Muur. Het is een blij moment: een overwinning voor de democratie, het einde van de Koude Oorlog. Maar is dat zo? Denken Oost-Duitsers niet langer over zichzelf als Oost-Duitsers, en West-Duitsers als West-Duitsers? En zijn alle problemen die aanleiding gaven tot en in de loop der jaren gegroeid zijn door de Muur, ook effectief opgelost? Dat is maar de vraag. De muur in het hoofd van de mensen is, bij gebrek aan fysiek symbool, bijna onzichtbaar geworden. Maar ze is er ongetwijfeld nog steeds. Mensen hebben zich niet plots herinnerd dat die Muur fictie was, een verzinsel om mensen uit elkaar te houden… We vieren de val van één zichtbare Muur, maar wereldwijd zijn er duizenden Muren die onzichtbare scheidingslijnen zichtbaar moeten maken.

Laten we heel dicht bij huis beginnen, met deze: de taalgrens. De taalgrens is niet echt. Hij is gecreëerd in 1962, als onderdeel van een poging het gehakketak over de tienjaarlijkse taaltellingen (waarbij mensen soms ook een taal opgaven om politieke redenen, bv. als reactie op de collaboratie van een deel de Vlaamse Beweging tijdens WO2 of om de uitbreiding van Brussel tegen te gaan) een halt toe te roepen. De taalgrens is gebaseerd op het territorialiteitsbeginsel, dat eigenlijk pas na de Gelijkheidswet van 1898 echt opgang begon te maken. Tot dan toe was de eis immers gewoon geweest dat het Nederlands erkend zou worden als gelijkwaardige tweede landstaal, maar op dat moment ontstaat zowel bij de Vlaamse Beweging als in wallingantische kringen het idee dat het grondgebied en de lokale bestuurstaal aan elkaar gekoppeld moeten worden van bovenaf. Die vraag wordt versterkt langs Nederlandstalige zijde tijdens de Eerste Wereldoorlog [x], en langs Franstalige zijde als reactie op de gebeurtenissen van de Tweede Wereldoorlog. Pas daarna zouden ook de politieke verschillen beginnen gekoppeld worden aan de gemeenschappen: Vlaanderen werd eerder een diensteneconomie waarin de middenklasse heel belangrijk was, waardoor Wallonië (dat nog heel erg afhankelijk was van staalindustrie en mijnbouw) veel gevoeliger was voor de crisis van de jaren ’70. Het grote leger werklozen begin consequent links te stemmen, terwijl het veel welvarender Vlaanderen naar rechts opschoof. Vijftig jaar later is een groot deel van de Nederlandstaligen ervan overtuigd dat Vlaanderen en Wallonië twee verschillende landen zijn. Dat Luxemburg en Waals-Brabant traditioneel rechtser stemmen, en Limburg een soortgelijk verhaal gekend heeft als Wallonië sinds 1970; of dat een gemiddelde inwoner van Antwerpen-stad meer gemeen heeft met iemand uit Charleroi dan met een bewoner van Brugge, dat geraakt niet voorbij de muur in ons hoofd. Misschien lijkt de taalgrens, die uiteindelijk fysiek alleen getoond wordt via de bekende verkeersborden die je blijmoedig verwelkomen in Vlaanderen of Wallonië, wel heel erg onzichtbaar in vergelijking met de Berlijnse Muur. Maar andere conflicten hebben wereldwijd wel zichtbare vormen aangenomen, vaak als megalomane grensgebouwen.

Dat het fenomeen niet nieuw is, toont de grootste grensmuur op aarde: de Chinese Muur. Het grootste deel van deze muur is door mensen gemaakt: 6.000 kilometer aarden en stenen vestigingsmuur die 2.3 kilometer aan natuurlijke grenzen (rivieren, bergen,…) aan elkaar moet verbinden, van de Golf van Bohai in het oosten tot de stad Jiayuguan in het westen. De Muur moest China beschermen tegen aanvallen vanuit het noorden, en nam zijn huidige vorm aan tussen de 14e eeuw CE. Maar een noordelijke grensmuur bestond al in de Periode van de Lente en Herfst, ca. 700 BCE. Bedoeld om het Chinese rijk te beschermen tegen de Xiongnu, raakte de muur naderhand in verval, tot de Ming-dynastie onder leiding van Hongwu de Mongolen verdreef uit China. Daarna werd de muur opnieuw opgebouwd en versterkt waar er nog resten van stonden, hoewel de Ming-dynastie uiteindelijk toch vanuit het noordoosten verjaagd werd. De Chinese Muur staat sinds 1987 op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO, een van de vele militaire gebouwen die het tot op die lijst hebben geschopt.

Een echte Berlijnse Muur vinden we in India. Daar zijn er twee grensconflicten die symbolisch in de vorm van een muur gegoten werden: het conflict met Pakistan enerzijds, en dat met Bangladesh anderzijds. In de provincie Kasjmir (ja, die), scheidt een muur het Indische en Pakistaanse deel van elkaar. Deze muur heet de Line of Control, en vormt een bestandslijn in het Kasjmirconflict. Na de dekolonisatie van het gebied besliste Groot-Brittannië om twee verschillende landen te stichten: een hindoeïstisch India op het subcontinent, en een islamitisch Pakistan in het noordoosten. De grensstaat Kasjmir, bestuurd door een hindoeïstische maharadja, telde een grote meerderheid moslims, maar tijdens de overgangsperiode werd de regio aangevallen vanuit het oosten door islamitische krijgers, die de lokale bevolking terroriseerden en een spoor van geweld achter lieten. Ze hadden het daarbij gemunt op de piepkleine niet-islamitische minderheid, maar in de praktijk namen ze het tijdens hun rooftochten niet zo nauw met dat voornemen. De maharadja riep dan maar de hulp van India in, en tekende meteen een aansluitingsverdrag bij het hindoeïstische land. Dit leidde tot een gewapend conflict dat pas in 1949 tot een einde kwam, en nadien nog driemaal ernstig weer opflakkerde. Bij elk staakt het vuren werd teruggekeerd naar de grens van 1949. India bouwde er in de jaren ’70 een preventief hekken, dat bestaat uit kippengaas en prikkeldraad en geëlektrificeerd is, op ca. 150 meter van het grensgebied. Geen permanent bouwwerk dus, maar desalniettemin een pijnlijke herinnering aan het geweld van de afgelopen zestig jaar.

India heeft zelfs twee zulke grensmuren: ook op de grens met Bangladesh wordt aan zo’n muur gebouwd. Ditmaal niet om gewonnen gebied te markeren of terroristen buiten te houden, maar om smokkel te voorkomen. Eigenlijk gaat het hier vooral over een migratieprobleem: het veel armere Bangladesh voorziet India niet alleen van een grote stroom illegale producten (van vee tot medicatie) maar ook van illegale werkkrachten. De laatste jaren waren er echter steeds vaker gewelddadige confrontaties, waarop de Border Patrol een shoot-on-sight bevel heeft uitgevaardigd. Illegale oversteker die als bedreigend worden ervaren en die toch voorbij het drie meter hoge betonnen en met prikkeldraad verfraaide hekken geraken, mogen onmiddellijk neergeschoten worden. De handel tussen beide landen is door dit conflict bijna volledig stilgevallen.

Ook de V.S. heeft een hekken om smokkel en migratie tegen te houden: de Border Fence. Het is een collectie van fysieke obstakels op de grens tussen de V.S. en Mexico, variërend van verstevigde prikkeldraad over stalen hekkens tot echte betonnen muren. Patrouilles langs de grens moeten verstekelingen die de oversteek toch wagen, oppikken en arresteren. En ook in Europa gaan stemmen op om zo’n muur te bouwen: daarvoor wordt de term ‘fort Europa’ gebruikt. Naast wetgeving die het gemakkelijker moet maken om illegale immigranten buiten te zetten, en moeilijker om een verblijfsvergunning te verkrijgen, zijn enkele landen ook al begonnen aan een fysieke muur die vluchtelingen bezuiden de Europese grenzen moet houden. In Bulgarije werkt men aan een hekken dat Syrische vluchtelingen moet beletten om via Turkije tot in Europa te geraken, en ook Griekenland overweegt dit te doen.

Een andere Berlijnse Muur, die nu al 35 jaar rechtstaat, scheidt Oost-Cyprus van West-Cyprus. Deze muur het de Groene Lijn, en loopt dwars door de hoofdstad Nicosia. In het noorden wonen Turks-Cyprioten en Turkse kolonisten die na de verovering van het noordelijke deel van het eiland in 1974 dit deel als onafhankelijk van het zuiden uitriepen. De dorpen op de Groene Lijn liggen er al decennia verlaten bij [x]. Ook in Korea staat een dergelijke muur, die het communistische noorden van dictator Kim Jung-Un scheidt van het socialistische, eerder westerse zuiden. Beide muren fungeren naar Duits model: beweging voorbij de muur, van het noorden naar het zuiden, is onmogelijk, en beide landen bevinden zich in een permanente staat van bevroren oorlog. Het conflict speelt zich af in de levens van mensen die hun land en eigendommen, en in het geval van de Korea’s ook van familieleden en geliefden, hebben moet achterlaten, en nu voor altijd van hen gescheiden zijn door een muur. Ook de muur die Gaza en de Westelijke Jordaanoever van Israël moet scheiden, is een recente versie van de Berlijnse Muur: in Gaza is het zelfs zo dat een volledige regio volledig ommuurd en dus afgesneden is van de rest van de wereld, wat de gewelddadige escalatie van het conflict in de regio deels helpt verklaren.

Wereldwijd zijn er ontzettend veel grenshekkens en –muren, met telkens hetzelfde idee: door een lijn te trekken in het zand, beschermen we onszelf en houden we het kwade buiten. Of het nu het communistische Rusland is dat het westerse kapitalisme in West-Duitsland wilde houden; de Vlamingen die de verfransing van Brussel willen tegengaan of Botswana dat onder het mom van het indijken van klauwzeer in overstekend vee eigenlijk illegale vluchtelingen uit Zimbabwe probeert buiten te houden – elk muur is een kloof tussen mensen, een letterlijke plaats waar menselijke verbondenheid stopt en egoïstisch wij-zij denken start. Elke fysieke muur is een muur in ons hoofd. En hoe meer muren onze wereld telt, hoe kleiner en enger de plaats worden waar wij zelf leven. Laten we dus de Val van de Berlijnse Muur niet herdenken met beelden van feestgedruis uit het verleden, maar met een blik op het hier en nu van de wereld rond ons. En laat ons werken aan het afbreken van de muren die écht tellen: de muren in ons hoofd.

 

Meer lezen:

Walls (Defined) op The Boston Globe bundelt 42 foto’s van muren over de hele wereld, en brengt een aantal van de hier besproken ideeën en thema’s in beeld. En ook: fotografie is mooi, en verrijkt uw wereld. Click and enjoy!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s